In Memoriam: Bart Tonies

In Memoriam

Op 19 maart j.l. overleed Bart Tonies uit Ravenstein. Bart was vanaf de wederopleving van de Molenstichting Noord-Brabant (nu ruim tien jaar geleden), lid van de adviesraad. Bij de vergaderingen van de raad was hij bijna altijd aanwezig en sprak hij een belangrijk woordje mee. Noch het reizen door Brabant in de avonduren, noch zijn leeftijd (Bart is 84 jaar oud geworden) hebben hem daarvan weerhouden.

Bovenal was Bart echter een bij het cultuurbehoud betrokken inwoner van het historische stadje Ravenstein. Afkomstig uit Nistelrode en aanvankelijk opgeleid als timmerman, werd hij er al in de jaren zestig ambtenaar bouwzaken. Ontvankelijk voor historische bouwkunst en onder de indruk als hij was van de nieuwbouwstijl van de Bossche School, heeft hij een stempel gedrukt op hoe Ravenstein er nu uitziet: hij heeft een bijdrage geleverd aan het behoud van meerdere kleine en grotere monumenten in en om zijn woonplaats, en hij heeft er sturing kunnen geven aan een passende invulling van diverse nieuwbouwprojecten.

De laatste drie decennia spitsten Bart zijn interesse en zijn activiteiten zich toe op de molen. Toen deze hoge stadsmolen, destijds De Raaf en nu (weer) De Nijverheid geheten, dreigde te vervallen, was Bart de initiatiefnemer van een stichting die de molen in eigendom van de laatste molenaarsfamilie overnam. Die overname luidde een periode van herstel in en van tal van veranderingen, waaronder de sloop van het oude en de bouw van een nieuw bijgebouw tegen de molen dat ook nieuwe functies kreeg, waaronder die van bierbrouwerij. Bart ging ook zelf de opleiding tot vrijwillig molenaar volgen en was de voorman van een kleinschalig initiatief, namelijk om op de molen het destijds nog onbekende graangewas spelt te gaan malen. Bart had daarbij niet alleen oog voor de molen als bouwwerk, maar zorgde ook dat er naast hemzelf voldoende molenaars beschikbaar bleven. Zo kon de molen blijven doen waarvoor hij ooit gebouwd was en kon behalve het monument ook het ambacht van molenaar in stand gehouden worden.

Een vooruitziende blik kon Bart bij zijn molenactiviteiten dus niet ontzegd worden, ook al was daar tot enkele maanden geleden geen enkele aanleiding toe: rond de jaarwisseling werd de vitale, blijmoedige en nog vol plannen zittende man die Bart was, getroffen door de diagnose van een noodlottige ziekte.
Tijdens de begrafenis memoreerde een van de sprekers dat de dood niet alleen wegneemt, maar ook geeft. De dood geeft ons herinneringen, en een duidelijker beeld van wat iemand heeft nagelaten en wat voor iemand hij was. Behalve een beschermer van molens en een pleitbezorger van het Ravensteinse erfgoed, was Bart een beminnelijk mens. Degenen die zich verbonden voelen aan de Molenstichting Noord-Brabant zijn hem voor dat eerste, maar vooral ook voor dat laatste zeer erkentelijk.

Bart werd op 25 maart te rusten gelegd op het kerkhof van Ravenstein, aan de voet van zijn molen, die voor een periode van zes weken in de rouwstand werd gezet.

Laatste fase herbouw De Zwaan in Vinkel van start

In Vinkel wordt al sinds 2010 door vrijwilligers hard gewerkt aan de herbouw van korenmolen ‘De Zwaan’. Omdat de molen in het najaar van 2020 klaar moet zijn, en omdat de laatste fase van deze monsterklus erg specialistisch is, slaan twee molenmakersbedrijven de handen ineen om De Zwaan verder af te maken. Lees hier een artikel over de unieke samenwerking die molenmakerijen Coppes uit Bergharen en Adriaens uit Weert zijn aangegaan.

Als sinds de molen in 1964 te Vinkel werd afgebroken en verscheept naar Holland (Michigan) in de Verenigde Staten wordt de molen ter plaatse erg gemist. “Vele Vinkelnaren vinden het met ons jammer dat de molen in 1964 uit ons dorp verdween en wij vonden in 2010 de tijd rijp om dat gevoel in daden om te zetten”, aldus het bestuur van de stichting Vinkelse molen.

De foto toont de houten constructie van de achtkante houten molenromp, die inmiddels al gereed is gekomen.

Molenontmoetingsavond 2018

Molenontmoetingsavond 2018

Op woensdagavond 25 april werd in de pas opgeleverde vergaderruimte bij de Wouwse korenmolen ‘De Arend’ de jaarlijkse Molenontmoetingsavond van de Molenstichting Noord-Brabant gehouden. Bestuur, adviesraad, molenaars, moleneigenaren en andere belangstellenden kwamen bij een om bijgepraat te worden over het wel en wee van de Brabantse molens.  Het centrale thema op deze avond vormde de molenbiotoop, waarmee de invloed van de directe omgeving van de molen op zijn functioneren wordt bedoeld. Voor de windmolens is een vrije windvang belangrijk. Deze wordt in één of meerdere windrichtingen nog wel eens verstoord door hoog groen of bebouwing. Voor de watermolens is voldoende water met voldoende verval en stroomsnelheid belangrijk, waar een spanningsveld ontstaat tussen de inrichting van het landschap en het waterbeheer. Een tweetal sprekers heeft toegelicht hoe beide biotopen (voor wind- en watermolens) precies in kaart worden gebracht, en waarom dat belangrijk is.

Een verslag van de Molenontmoetingsavond kunt u hier nalezen.

De gehouden presentaties over de molenbiotopen kunt u hieronder openen en bekijken.

Watermolenlandschappen – Hans Bleumink

Windmolenbiotoop 1 – Evert-Jan Laméris

Windmolenbiotoop 2 – Evert-Jan Laméris

Onderscheiding voor Nico Jurgens

Nico Jurgens ontvangt onderscheiding voor zijn bijdrage aan het behoud van molens

“Een molenhistoricus met de Keldonkse molen als rode draad in zijn carrière”

Zaterdag ontving Nico Jurgens in Amersfoort de onderscheiding voor Vernuft en Volharding. In 1972 was hij betrokken bij een eerste poging korenmolen De Hoop te behouden voor het nageslacht. Dat moment markeerde het begin van zijn loopbaan als molenhistoricus. Eerst in dienst van De Hollandsche Molen, vanaf 1992 actief als zelfstandig adviseur monumentenzorg met bouwhistorisch onderzoek als specialisatie. Zijn carrière is na ruim 45 jaar in een rustiger vaarwater gekomen. Bijzonder is dat korenmolen De Hoop ook nu weer een rol speelt bij de markering van dit feestelijke moment. De restauratie van deze molen werd onlangs mede op basis van zijn adviezen voltooid. De toegekende onderscheiding is een waardering voor de waardevolle bijdrage die Nico Jurgens heeft geleverd aan het behoud van molens; nationaal en internationaal.

 Nico Jurgens zet zich al meer dan 45 jaar professioneel in voor het behoud van molens en ander cultureel en industrieel erfgoed in Nederland, Vlaanderen, Duitsland, Polen en Italië. In de aanbeveling voor de onderscheiding staat onder andere te lezen; “Naast zijn beroepsmatige betrokkenheid vond en vindt hij ook altijd tijd zich belangeloos in te zetten op velerlei terreinen, in vrijwel alle provincies van ons land en in het buitenland. Onderzoek, zowel technisch als historisch, zat hem al jong in het bloed. Maar de rode draad door zijn leven is de korenmolen van Keldonk. Een eeuw geleden nog in volle glorie, maar uiteindelijk vervallen tot een troosteloze ruïne. Op basis van Nico’s onderzoek kwam het tot een herbouw die zijn weerga bijna niet kent.”

Nico bezit een enorme molendocumentatie en heeft een groot aantal publicaties op zijn naam staan. Hij hield talloze lezingen bij allerlei gelegenheden, nationaal en internationaal, en is een specialist in bouwhistorisch onderzoek. Zijn onderzoek heeft geleid tot cultuurhistorisch betere en meer verantwoorde restauraties.

Op de zaterdag aan hem uitgereikte oorkonde staat vermeld: “Als blijk van waardering voor je inzet bij de ontwikkeling van bouwhistorisch onderzoek voor molens, met als sprekend voorbeeld de toepassing daarvan bij de realisatie van de herbouw van molen De Hoop in Keldonk.”

Uiteraard was een delegatie van stichting korenmolen De Hoop Keldonk tijdens de uitreiking in Amersfoort aanwezig om Nico en zijn vrouw Jet na afloop te feliciteren met deze mooie en zeer verdiende onderscheiding.

Opening Keldonkse molen 14 en 15 april

Een feestje voor iedereen!

Diverse openingsactiviteiten in het weekend van 14 en 15 april bij de Keldonkse molen.

Korenmolen De Hoop in Keldonk wordt binnenkort officieel geopend. Nog bijna elke dag zijn vrijwilligers bezig op en rond korenmolen De Hoop in Keldonk. De laatste puntjes worden op de “i” gezet. Het aantal uurtjes vrijwilligerswerk is niet te tellen. Na een voorbereidingsperiode zijn de herbouw- en restauratiewerkzaamheden in 2011 gestart. Nu na iets meer dan zeven jaar is de bouw van de molen gereed. De openingsactiviteiten zijn gepland in het weekend van 14 en 15 april. Zaterdagmiddag 14 april is de officiële opening, ‘s avonds is er een feest voor iedereen. Ook op zondag 15 april is het molenterrein feestelijk ingericht tijdens de Open dag.

 “Een zo’n intensieve en enerverende bouwperiode vraagt natuurlijk om een feestelijke afsluiting.” Aan het woord is Jan Verbrugge. Hij opperde in 2003 het idee om de Keldonkse molen te restaureren, al realiseerde hij zich waarschijnlijk toen nog niet goed wat voor werk dit met zich mee zou brengen. Inmiddels zijn we 15 jaar verder en draaien de wieken van de molen weer. Jan Verbrugge: “De officiële opening is op zaterdagmiddag 14 april. Voor dit officiële moment worden alle bouwvrijwilligers en de bedrijven die middels sponsoring van materialen of werkzaamheden hebben geholpen bij de bouw uitgenodigd.”

Opening molen is een feest voor iedereen!

Door de herbouw en restauratie van korenmolen De Hoop heeft Keldonk en haar omgeving er een prachtige blikvanger bij. Daarom is er voor iedereen die de terugkeer van de molen op Keldonks grondgebied met de stichting wil vieren zaterdagavond 14 april een gezellige feestavond. Coen van de Laar bouwt die avond met zijn discotheek een feestje in de tot feestzaal omgebouwde loods aan de voet van de molen. Het openingsweekend wordt afgesloten met een Open dag op zondag 15 april. Voor de kinderen is er die dag extra vertier op het luchtkussen. Ook worden er pannenkoeken gebakken. Stichting korenmolen De Hoop Keldonk hoopt dat op 14 en 15 april velen de opening van de molen met haar wil komen vieren.

Goirlese molen versierd voor Ireen Wüst

In Goirle werd afgelopen weekend de huldiging van ‘hun’ Ireen Wüst gevierd. Met elf medailles is de schaatsster uit Goirle de meest succesvolle olympiër van Nederland. Molen ‘De Visscher’ is zaterdagochtend alvast omgetoverd tot eerbetoon aan Wüst.

Al vroeg in de ochtend ging een groepje mannen van start om de molen aan te kleden. Dat was niet zonder gevaar. “Het is glad! Dat is best gevaarlijk. Met je gladde schoenzolen klim je in besneeuwde latten”, merkt molenaar Carel van Herpt (75) uit Goirle. “We hebben het over voor Ireen.” Urenlang zijn de heren aan het werk. (bron: Omroep Brabant).

Lees er meer over en bekijk het filmpje hier, via de website van Omroep Brabant.

Nieuw boek over molen De Doornboom

Mensen rondom De Doornboom

Van de ruim honderd windmolens die Noord-Brabant telt, is die van Hilvarenbeek één van de grootste. De Doornboom werd gebouwd in 1857, maar kwam eind jaren zestig in het bezit van de gemeente. Vijf vrijwillige molenaars houden deze bergmolen in bedrijf, maar daarnaast zijn nog tientallen anderen betrokken bij dit monument. Over hen en over de woelige geschiedenis van de laatste windmolen van Hilvarenbeek, gaat het boek Mensen rondom De Doornboom, dat zojuist is verschenen.

Waarom heet een windmolen De Doornboom? De verklaring ligt in een eeuwenoude legende over een gerechtelijke moord die in het dorp al generaties wordt doorverteld. Een man, waarschijnlijk valselijk beschuldigd, vraagt om een godsoordeel. Wanneer dat in zijn voordeel dreigt te eindigen, wordt de proef afgebroken. De auteur, Kees van Kemenade, heeft het verhaal in het boek opgenomen. De auteur wilde namelijk een volledig ander molenboek schrijven, dan gewoonlijk wordt gepubliceerd. Natuurlijk komt de geschiedenis, verlucht met een groot aantal historische foto’s en kaarten aan de orde, maar het grootste deel van het boek is ingeruimd voor de mensen die om en met de molen actief zijn.

De presentatie van het boek Mensen rondom De Doornboom. De vrijwillige molenaars ontvingen uit handen van burgemeester Ryan Palmen allemaal een exemplaar van Mensen rondom De Doornboom. V.l.n.r. Bart Hoofs, de schrijver Kees van Kemenade, Ton Sleegers, Piet van Rijswijk de oud-molenaar, burgemeester van Hilvarenbeek Ryan Palmen, Brigit Moonen, Onno Wubbels, Erwin Moonen en Jan Scheirs.

Werken met de molen

Volgens de schrijver zijn er dat veel meer dan hij, toen de gemeente hem verzocht dit werk op zich te nemen, verwachtte. In de eerste plaats natuurlijk de vijf vrijwillige molenaars, waarbij oud-mulder Piet van Rijswijk en molenkenner Jan Scheirs nog vaak een handje toesteken. Dan zijn er de boeren en de graanhandelaar die tarwe, spelt en andere granen leveren, en de afnemers van de producten. De pannenkoekenbakker, de bakkers die er brood en koekjes van maken, de slager voor de worst en balkenbrij. Om de molen draaiend te houden zijn de molenbouwers onontbeerlijk. Of de zeilmaker die de zeilen levert, en de fabrikant van molenstenen. Ze zijn allemaal door de schrijver geïnterviewd en vertellen enthousiast over hun ambacht, net als de elektricien, de bliksembeveiliger, de dakdekker en de loodgieter. Maar ook de Monumentenwachten de Houtarts laat hij in het boek aan het woord. Zelfs een bioloog die de plantengroei op de berg onderzocht en en passant nog een plantje van de rode lijst, de tongvaren, ontdekte. Uit een expositie in de gewelven van De Doornboom is het museum De Dorpsdokter ontstaan. Ook die geschiedenis wordt uitgebreid uit de doeken gedaan, nat al die van de heemtuin D’n Doornhof aan de voet van de molen. Samen een heel complex dat een bezoek meer dan waard is.

Het ambacht komt uitgebreid aan de orde, zoals hier het scherpen van de groeven met de bilhamer.

Het molenambacht

Het ambacht van de molenaar staat nu weer volop in de belangstelling. In Mensen rondom De Doornboom wordt van elke van de werkzaamheden die de mulders uitvoeren uitvoerig beschreven. Het lichten van de stenen met de steenkraan en het scherpen van de stenen, het kruien naar de wind, het bedienen van het luiwerk, het omgaan met de vang, het opleggen van de zeilen en vooral natuurlijk het malen van het graan. Ooit werd er veel eikenschors tot run gemalen, voor de plaatselijke leerindustrie, dat is al bijna een eeuw voorbij. Maar de inrichting van de schorsmolen is nog altijd aanwezig. Het verhaal over het ambacht van de molenaar wordt met veel foto’s ondersteund en maakt het boek tot een werk dat veel geïnteresseerden in de molenwereld met veel plezier zullen raadplegen. De auteur heeft daarbij steeds geprobeerd om zo toegankelijk mogelijk te schrijven. Specifieke termen als kropgat en klapspaan worden meteen uitgelegd en waar nodig van een afbeelding voorzien.

Het boek Mensen rondom De Doornboom is te koop via de website van de uitgever www.kabeljauws.nl.

 

In het boek zijn ook veel historische foto’s opgenomen, zoals deze plaat uit 1938.

 

Ambacht van molenaar werelderfgoed!

Op 7 december j.l. heeft de Unesco, na veel lobbywerk vanuit de molenwereld (De Hollandsche Molen, het Gilde van Vrijwillige Molenaars, het Ambachtelijk Korenmolenaars Gilde en het Gild Fryske Mounders) en het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, tijdens haar conventie in Zuid-Korea besloten het ambacht van molenaar op de werelderfgoedlijst te plaatsen. Daarmee is het molenaarschap op de lijst van immaterieel erfgoed bijgeschreven.

Eén van de molenaars, die de beslissing in ontvangst mochten gaan nemen was Hub van Erve, molenaar op de Kerkhovense Molen in Oisterwijk en lid van onze Adviesraad.

Vanwege deze plaatsing op de werelderfgoedlijst zijn de wieken van vele molens in Nederland – en dus ook in Brabant – in de vreugdestand gezet. Deze wiekstand is overigens niet overal in de provincie hetzelfde; de molenaars houden streektradities graag in ere. Op de foto zien we de Kerkhovense Molen in Oisterwijk in de daar gebruikelijke feeststand.

De aanwijzing tot werelderfgoed geeft een enorme impuls aan het molenaarschap. Het vak moet immers blijven bestaan en worden doorgegeven, willen molens ook in de toekomst blijven draaien. De Unesco-status zorgt in elk geval voor meer aandacht voor het ambacht. Op deze wijze komt er wellicht ook meer aanwas van jongere aspirant-molenaars.

Nieuwe website Stichting Levende Molens

Op 1 januari a.s. lanceert Stichting Levende Molens uit Roosendaal een geheel vernieuwde website. Deze is te vinden onder www.molencentrum.nl

De stichting stelt zich ten doel om de traditionele wind- en watermolens alsook rosmolens, te behouden als levende werktuigen van een kleinschalige en duurzame economie. Onlosmakelijk daarmee verbonden is het streven naar een geschikte molenbiotoop in de vorm van voldoende windvang en een goede waterhuishouding. Tevens is er aandacht voor het aloude ambacht van de molenaar. Dit molenbehoud gaat in de visie van de stichting hand in hand met molenstudie: het vergroten van de kennis over de techniek, de geschiedenis, functies, bouwwijzen et cetera van deze archaïsche werktuigen. Ook zien wij een samenhang met aspecten als milieubehoud en gezonde voeding.

Wij maken u bij deze alvast graag attent op deze vernieuwde website.