Barbara Tanner (1948-2025): een Zwitserse pianist die molenaar in Haarlem werd

Barbara Tanner (1948-2025): een Zwitserse pianist die molenaar in Haarlem werd

Een leven zonder muziek was ondenkbaar voor pianist Barbara Tanner, maar ook voor molens ontwikkelde ze een passie. Haar didactische achtergrond als pianoleraar kwam haar van pas toen ze molenaar werd en leerlingen ging opleiden. Ze zocht altijd naar verbinding met de ander.

Trouw: Noor Hellmann 7 december 2025, 19:58

Historische gebouwen, stoomlocomotieven, traditionele zeilschepen; Barbara Tanner was geïnteresseerd in tastbare geschiedenis, de nostalgie ervan vond ze mooi. In het rijtje hoorden zeker ook molens. Het was frappant dat ze als Zwitserse juist voor dit typisch Nederlandse cultuurgoed zo’n liefde ontwikkelde. Ze verdiepte zich in verschillende soorten en typen en reisde per trein en fiets door heel Nederland om molens te bezoeken.

In de tweede helft van haar leven ging ze zich enthousiast inzetten voor het behoud van dit erfgoed. In haar woonplaats Haarlem was ze meer dan twintig jaar verbonden aan De Adriaan, de iconische molen aan het Spaarne; eerst als gids en later als molenaar, instructeur en examinator. Ze coördineerde de molenaarsexamens in Noord-Holland en leidde molenaars op, waardoor de wieken van De Adriaan nu bijna dagelijks kunnen draaien.

Barbara toonde zich betrokken bij alle vrijwilligers op de molen. Van sociale verplichtingen als verjaardagen en borrels hield ze niet zo – haar eigen verjaardag vierde ze nooit – maar ze genoot van het contact met mensen die dezelfde passie deelden of met hetzelfde bezig waren als zij. Ze was innemend en kon bezield vertellen over het molenaarswerk.

Vreemde eend in de bijt

Er waren slechts een paar vrouwelijke molenaars in de regio Haarlem toen Barbara begon. Ze gold als een vreemde eend in de bijt: een molenaar die, omdat ze ook pianist was, heel voorzichtig deed met haar handen. Zo fietste ze met handschoenen aan, behalve in de zomer. Ook bij werkzaamheden op de molen droeg ze altijd handschoenen.

Muzikale ontplooiing werd in haar jeugd gestimuleerd. Haar moeder Geeralde Tanner-Nijhoff, een amateurpianist, had haar al vroeg ingeprent dat ze zuinig moest zijn op haar pianohanden. Om die reden mocht ze niet naar de padvinderij.

Barbara, geboren in 1948 in het Zwitserse Aarau, had een Nederlandse moeder die in Zwitserland was blijven hangen nadat ze kort na de oorlog in het skioord Arosa had deelgenomen aan internationale skiwedstrijden. Geeralde ontmoette er de Zwitserse longspecialist Ernst Tanner, met wie ze trouwde en twee dochters kreeg. Barbara was de oudste. Thuis werd Zwitserduits gesproken, tijdens zomervakanties bij haar oma in Nederland leerde Barbara Nederlands.

Vader Ernst werkte aanvankelijk als chef-arts in een tuberculosesanatorium in Arosa, maar toen Barbara tien was, ging het gezin in de buurt van Zürich wonen. Er werd voor haar een goede pianodocent gevonden, die serieus werk maakte van haar pianolessen. Ze had talent en wilde na haar middelbare school naar het conservatorium, maar op aandringen van haar vader ging ze naar de kweekschool. Hij stond erop dat ze eerst een degelijk beroep zou leren.

Twee pleegkinderen

Ze rondde de kweekschool plichtsgetrouw af en koos toen alsnog haar eigen weg: ze meldde zich aan bij het conservatorium om piano en orgel te studeren. Daarnaast speelde ze viool in amateurorkesten. Barbara had inmiddels definitief besloten geen schooljuf te worden, voor de klas staan lag haar niet. Lesgeven aan kinderen had sowieso niet haar voorkeur. Toen ze eenmaal pianoleraar was, werkte ze eerst op de muziekschool, maar met meer plezier gaf ze later in haar eigen huis les aan volwassenen.

Nog in haar begintijd op het conservatorium had ze tijdens een muziekcollege op de universiteit van Zürich Chris Brunner leren kennen. De student civiele techniek, die uit een muzikale familie kwam, volgde het college uit interesse. Ondanks hun verschillende studieachtergrond voelden ze een sterke verwantschap. Ze bezochten concerten en werden al snel verliefd. Ze gingen samen verder als levenspartners; van trouwen moesten ze niets hebben. Ze hadden geen kinderwens, wel namen ze de zorg voor twee pleegkinderen op zich.

De eerste drie jaar woonden ze in Zwitserland. Chris had al een baan toen Barbara in 1974 afstudeerde aan het conservatorium. Na haar afstuderen zagen ze hun kans om met spaargeld acht maanden door Europa te reizen en hun horizon te verbreden. Allebei hadden ze het gevoel dat ze in een erg beschermd nest waren opgegroeid. Ze wilden een poosje weg uit Zwitserland, waar ze naar hun idee in een al te keurige wereld leefden.

Minikeuken in een besteleend

Ze vertrokken in een besteleend, waarin Chris een minikeuken had gebouwd. Om het musiceren niet te hoeven opgeven nam Barbara haar klavichord mee, zorgzaam ingepakt door haar moeder. De tocht door Europa was leerzaam. Ze bezochten niet zozeer toeristische attracties, maar verkenden landen en steden om te onderzoeken of ze er na hun reis tijdelijk zouden kunnen gaan wonen en werken. Uiteindelijk viel de keus op Nederland, mede omdat Barbara aan de slag wilde als muziektherapeut en hier meer mogelijkheden zag dan in Zwitserland, waar muziektherapie nog nauwelijks bestond.

Hun Nederlandse avontuur begon in 1975. Ze waren aanvankelijk van plan een paar jaar te blijven, maar ze zouden nooit meer teruggaan. De sfeer in Nederland beviel hen, ze vonden Nederlanders minder gereserveerd dan de Zwitsers.

Barbara had al binnen een week na aankomst in Nederland een baan gevonden. Chris, die het Nederlands niet beheerste, had meer tijd nodig om zijn draai te vinden. Drie jaar werkte hij als ingenieur bij een groot aannemingsbedrijf, daarna werkte hij 35 jaar bij een adviesbureau voor ruimtelijke ordening, als adviseur en projectleider voor gemeenten en ontwikkelaars. De eerste tijd huurden ze in Haarlem twee zolderkamers, later vonden ze in de stad betere woonruimte. Ze raakten ingeburgerd, maar de Nederlandse nationaliteit aannemen zoals Chris deed, hoefde van Barbara niet.

Haar dagen waren gevuld met muziek. Naast haar werk als muziektherapeut en pianoleraar gaf ze geregeld kamermuziekconcerten. Chris stimuleerde haar ook solo op te treden. Haar liefde voor muziek deelde ze met anderen, door eigen concerten te organiseren waar ze een persoonlijke tint aan gaf. Ze zocht naar verbinding, of dat nu was met haar publiek of met haar molenaars- en pianoleerlingen.

Parttimebaan als brugwachter

Met Roelof de Jong, een bevriende amateurpianist, oefende ze vaak bij Andriessen Piano’s-Vleugels in Haarlem. Ze hadden de sleutel van de muziekzaak en konden ’s avonds achterin in de restauratiewerkplaats twee vleugels uitkiezen. Zo nu en dan gaven ze een kleinschalig concert. Spelen op grote concertpodia wilde Barbara niet, het competitieve ervan stond haar niet aan, zegt Roelof de Jong. “Aan ellebogenwerk had ze een grondige hekel. Ze was een gevoelsmens, ze legde in haar spel de nadruk op gevoel en expressiviteit, techniek en snelheid waren daar ondergeschikt aan. Ik ben beter gaan spelen door haar opmerkingen, ze was didactisch heel goed.”

Muziek maken liep als een rode draad door haar leven. Ze kon er veel in kwijt, maar toen ze midden veertig was maakte ze een moeilijke periode door. Ze twijfelde over wat ze verder nog wilde en had meer ruimte voor zichzelf nodig. Chris en zij kregen een latrelatie. Deels was ze bij hem en deels verbleef ze in haar nieuwe woning in het Teylers Hofje, dat voor haar een beetje als een gemeenschap voelde.

Onverwacht vond ze iets nieuws. Op de Catharijnebrug, dichtbij het Teylers Hofje, raakte ze in gesprek met de brugwachter. Barbara vroeg belangstellend naar haar werk, dat leek haar wel wat. Impulsief ging ze informeren op het havenkantoor, waarna de zaak snel was beklonken. Die avond vertelde ze tot Chris’ verrassing dat ze een parttimebaan als brugwachter had aangenomen. Ze had veel plezier in het werk dat ze volhield tot haar 75ste.

In 2022 in molen De Adriaan in Haarlem.

Vrij snel na deze eerste nieuwe stap volgde een tweede: ze besloot vrijwilliger te worden op De Adriaan, ook op een steenworp afstand van het Teylers Hofje. De geliefde molen die in 1932 na een verwoestende brand in de as was gelegd, was in 2002 eindelijk herbouwd en werd als museummolen een toeristische trekpleister. Kort na de opening meldde Barbara zich aan toen er mensen nodig waren die bezoekers wilden rondleiden.

‘Sommige molenaars kunnen bot zijn. Barbara was anders’

Barbara bloeide op, ze was er in haar element. Ze hield van de sfeer in de molen en de geur van het hout. Molens fascineerden haar niet alleen vanuit historisch oogpunt, ze wilde ook het ambacht van molenaar onder de knie krijgen. Chris hoorde ervan op: ze was atechnisch en had geen ruimtelijk inzicht. Toch begon ze aan de opleiding. Ze deed er lang over, maar ze was gedreven en zette door tot ze een gediplomeerd molenaar was.

Collega-molenaar Kees Mens in Hoogwoud, bij wie ze graag koren ging malen omdat het in De Adriaan niet meer kon, zat geregeld een uur met haar aan de telefoon. Ze bespraken hoe ze dingen aan moest pakken en hij hielp haar als ze de techniek niet doorgrondde. “Voordat ze haar leerlingen een technisch verhaal kon uitleggen, wilde ze het goed begrijpen”, vertelt Mens. “In het begin keek de molenaarswereld met argusogen naar haar. Sommige molenaars zitten in hun eigen koninkrijkje, ze kunnen bot zijn. Barbara was anders. Ze deed het werk met elan en vond het leuk om leerling-molenaars op te leiden. Oudere mensen die niet meer gewend waren boeken door te nemen leerde ze leren.”

Barbara was een perfectionist. Kees Boeije, die bij haar de molenaarsopleiding deed, noemt haar een heel precieze instructeur. Nauwkeurig werken vond ze van groot belang. “Toch was ze geen doorgedraaid molenaarstype, ze had een brede belangstelling voor kunst en cultuur”, zegt Boeije. “De weersomstandigheden hielden haar erg bezig, ze benadrukte dat je die van tevoren moest bekijken. We hadden een keer samen op een andere molen gedraaid. Zij moest eerder weg, ik zou afsluiten. ’s Avonds om half twaalf belde ze op om te checken of ik zeker wist dat ik de bliksembeveiliging op de molen had aangezet. Pas toen had ze gemoedsrust, typisch Barbara.”

Levenskunst werd een steeds belangrijker thema

Chris en zij leidden verschillende levens. Voor hen reden te meer om samen eropuit te gaan. Een gezamenlijke liefhebberij was vogels spotten en hun gedrag bestuderen. In haar zoekende periode was Barbara zich gaan inzetten voor de bescherming van weidevogels en daarmee had ze Chris geïnspireerd. In hun gesprekken werd levenskunst een steeds belangrijker thema: hoe geef je vorm aan je leven?

Ze verdiepten zich in het stoïcisme. Barbara had er baat bij toen tien jaar geleden de ziekte van Kahler (een vorm van beenmergkanker) zich openbaarde. Op de molen kon ze het van zich afzetten, maar allengs ging haar conditie achteruit. Het laatste half jaar zat ze op een klapstoel terwijl ze de leerlingen instrueerde, zij deden het zware werk. Tot vijf weken voor haar dood gaf ze thuis nog theorieles.

Bij hoge uitzondering lag haar lichaam opgebaard in De Adriaan, velen kwamen afscheid nemen. Metershoge banieren met haar portret hingen aan weerszijden van de ingang, de wieken stonden in de rouwstand, net als die van alle molens in de regio. Als laatste eerbetoon stond de rouwauto met haar kist twee minuten stil op de Catharijnebrug, de slagbomen waren gesloten. Tegelijkertijd werden op het Spaarne, tussen de brug en de molen, op de boot van de havendienst twee fakkels ontstoken.

Hedwig Barbara Tanner werd geboren op 19 juli 1948 in Aarau (Zwitserland)en overleed op 8 november 2025 in Haarlem.

(Onze redactie is altijd op zoek naar inspirerende levensverhalen. Kent u iemand die onlangs is overleden, stuur uw tip naar naschrift@trouw.nl. Help ons door uw ervaring te delen)

Lees het originele artikel hier

Vergeet algoritmes, deze jonge molenaars luisteren naar de wind: ‘Binnen vijf minuten kan alles anders zijn’

Vergeet algoritmes, deze jonge molenaars luisteren naar de wind: ‘Binnen vijf minuten kan alles anders zijn’

Wanneer de wieken draaien in Ravenstein, kan er zomaar een opvallend jonge molenaar aan het werk zijn. Wat trekt Eloïse Broekhuizen (20) en Sem Hurkmans (15) zo aan in dit eeuwenoude ambacht?

Al zo lang als hij zich kan herinneren, is Sem Hurkmans gefascineerd door molens. Op driejarige leeftijd kon hij eindeloos turen naar De Witte Molen. Hij groeide op aan de voet van deze oudste molen in zijn thuisstad Nijmegen. En nu hij 15 jaar oud is, is er niks van die magie vervlogen. Integendeel.

Maandelijks zit Sem in een Zoom-overleg met andere molenaars in opleiding die wonen in de provincie Gelderland. Zo’n traject duurt meestal een tot twee jaar. Maar bij de meeste deelnemers ligt de middelbare school al ver achter hen.

„Oudere mensen doen dit vaak na hun pensioen, als hobby”, weet Eloïse Broekhuizen. Zij zit tegenover Sem aan de lange houten tafel in De Nijverheid, stadsmolen van Ravenstein. Ook zij koos op jonge leeftijd voor een toekomst als molenaar en rondde onlangs als 20-jarige de opleiding daarvoor af.

Eloïse komt uit Kampen, en wandelde daar op haar 15de een molen binnen op zoek naar een vakantiebaantje. Toen ze het binnenwerk zag, raakte ze razend enthousiast. „De techniek, het houtwerk en de krachten die daarop uitgeoefend worden; ik vond het heel mooi.”

Kolossale stenen en houten tandwielen

Ze verhuisde op haar 19de naar Wageningen om er de opleiding tot bakker te volgen. Tegelijk ging ze aan de slag op de molen in Wijchen, en draaide in Ravenstein al snel mee als vrijwilliger.

Onderin de Ravensteinse molen huist de bakkerij waarvoor zij en Sem in de gemeente Oss verbouwde spelt malen, boven hen draaien de kolossale maalstenen en indrukwekkende houten tandwielen die dat mogelijk maken.

Het is een techniek die ook de leek meteen kan begrijpen door er simpelweg een blik op te werpen. Een stap in een wereld van hout, steen, weer en wind, waar algoritmes nog altijd niks te zeggen hebben. Maar wie denkt dat zoiets het molenaarsvak simpel maakt, vergist zich behoorlijk.

Eloïse (20) en Sem (15) kennen Stadsmolen De Nijverheid in Ravenstein op hun duimpje.

Eloïse (20) en Sem (15) kennen Stadsmolen De Nijverheid in Ravenstein op hun duimpje.© Jeroen Appels / Van Assendelft Fotografie

„Bij elektrisch malen druk je gewoon op een knopje”, legt Eloïse uit. „Maar als je dat op de wind doet, ben je constant bezig met het weer. Waar komt de wind vandaan? Trekt die aan, dan moet er iets gebeuren. Want anders heb je opeens te fijn meel.”

„Je moet steeds in contact staan met de molen, met het weer en het product dat je wilt hebben. Het kan binnen vijf minuten veranderen. En het is heel belangrijk wolken te herkennen. Je kunt daarbij wel een app achterna gaan, maar daar heb je vaak niet zoveel aan.”

„Eigenlijk legt de molen je veel uit”, vult Sem aan. „Hoe meer je met de molen bezig bent, hoe meer je voelt hoe situaties steeds anders zijn. Je leert elke keer, dat kun je niet uit een boek halen. Je hebt natuurlijk boeken nodig voor een bepaalde basiskennis, maar het blijft hangen als je het ook hebt meegemaakt.”

Molenaars hebben de wind mee

Elke molen is anders, overal leer je weer nieuwe dingen. Op vakantie bezoekt Eloïse daarom graag andere molens. Voor Sem is dat niet anders. „Ik heb met maten ook wel eens een molendag”, zegt hij. Leeftijdsgenoten reageren weleens verbaasd, maar vinden zijn passie eigenlijk wel interessant.

Ook Eloïse heeft het idee dat het molenaarsvak juist in deze tijd de wind mee heeft. „Mensen willen steeds meer weten waar hun voedsel vandaan komt. En ze willen dat het lokaal geteeld of geproduceerd wordt. Daar probeer je als molenaar natuurlijk op in te spelen.”

Sem adviseert iedereen die het wat lijkt gewoon eens een molen binnen te stappen. Er is volgens hem altijd wel een molenaar te vinden die je wegwijs wil maken: „Bijna elke molenaar vindt het leuk een jonge molenaar erbij te hebben.”

Voor het originele artikel klik hier

Wijziging (4) theorielessen Gilde van Molenaars

Allereerst ons welgemeende excuses voor de vele wijzigingen in het lesrooster, er heeft zich wederom een wisseling voorgedaan in het lesrooster. De les van 6 januari “De vang” is verplaatst naar 13 januari 2026 en de les van 13 januari “Het Weer” is verplaatst naar 6 januari. Het schema hieronder is de juiste laatste versie.

De theorielessen zijn steeds op de DINSDAGAVOND.
We beginnen om (stipt) 20:00 uur, zodat we tussen 22:00 en 22:30 uur kunnen eindigen. Hieronder het schema voor seizoen 2025 – 2026.
Aanmelden kunt u door een e-mail te sturen naar nbopleid@gildevanmolenaars.nl
Let op, de locatie is ook dit jaar bij Molen de Wilde, Nieuwe Rielseweg 39, 5051 PD Goirle. Deze locatie is verwarmd, echter voor gebruik van een consumptie dient u te betalen.

Datum Plaats Onderwerp Docent
13 okt. 2025 Molen de Wilde Introductie en Arbo Veiligheid Onno Wubbels
21 okt. 2025 Molen de Wilde Knopen/Schiemanswerk Onno Wubbels
04 nov. 2025 Molen de Wilde Poldermolens Sven Verbeek
18 nov. 2025 Molen de Wilde Wieksystemen Patrick van Kessel
25 nov. 2025 Molen de Wilde Bovenkruier, Kap, Kruien Erwin Janssen
02 dec. 2025 Molen de Wilde Wieksystemen Bovenas, Wielen, Luiwerken Erwin Janssen
09 dec. 2025 Molen de Wilde Korenmolen Patrick van Kessel
06 jan. 2026 Molen de Wilde Het Weer Petro van Doorne
13 jan. 2026 Molen de Wilde De Vang Hub van Erve
27 jan. 2026 Molen de Wilde Standerdmolen Geert van Stekelenburg
03 feb. 2026 Holtens’ Molen Industriemolens Molenaar Holtens’ Molen

Adressen:
Molen de Wilde, Nieuwe Rielseweg 39, 5051 PD Goirle.
Holtens’ Molen, Veldstraat 39, 5751 AA Deurne (les Industriemolens).

Het schema van de theorielessen voor 2025 – 2026 is ook te zien op de site van het Gilde van Vrijwillige Molenaars Afdeling Noord-Brabant.

Het bestuur Gilde van Vrijwillige Molenaars Afdeling Noord-Brabant wenst u succes en veel plezier met de studie van dit mooie ambacht!

Madese Molen Hoop Doet Leven krijgt wieken terug

Madese Molen Hoop Doet Leven krijgt wieken terug

Mijlpaal voor eigenaar en molenaar: ‘Hij komt weer tot leven’
Een half jaar was hij ‘wiekloos’, maar sinds gisteren heeft molen Hoop Doet Leven in Made zijn gezicht terug. Met een kraan zijn de wieken teruggeplaatst. Voor eigenaar Twan van Meel én molenaar Tony Hop een mijlpaal.
 

Caroline van Schubert BNdeStem 26 nov 2025

Made

Alsof de molen weer kan ademen. ,,Een molen moet bewegen. Als hij stilstaat, gaat hij achteruit. Dit moment betekent meer dan alleen techniek; het is echt leven terugbrengen,” zegt Van Meel.

Van Meel is al eigenaar van de naastgelegen supermarkt en kocht het rijksmonument in 2021 van de familie Hermus. De molen stond toen al een paar jaar stil. Hij wist nog niet precies wat hij ermee wilde, maar zag wel hoe belangrijk het gebouw was voor Made en wilde dat intact houden. Al was het ook werknemer én molenfanaat Tony Hop die hem een duwtje in de rug gaf. “Ik werk tien jaar bij Albert Heijn, maar ook negentien jaar in de molen. Ik riep altijd al voor de grap: als de molen te koop komt, móét je hem nemen,” zegt Hop. “Het is echt een bijzondere molen en heeft me altijd aangetrokken. Het is een levend ding. Dat hoor je aan alles: het kreunen, het rommelen.”

Draaien deed de molen al een tijdje niet meer: vier jaar geleden bleek uit onderzoek al dat er scheuren in zaten. De wieken laten draaien was te gevaarlijk, omdat er iets zou kunnen afbreken. Dat de wieken nu terug zijn, is dan ook een belangrijke stap in het herstelproject.

Na de aankoop lag dat project een tijd stil, omdat er nog geen subsidie beschikbaar was. Begin dit jaar kwam er een rijksbijdrage van zo’n 250.000 euro, 70 procent van de kosten. “Een enorme opsteker,” zegt Van Meel. “We konden ineens doorpakken. En dat zie je.”

Rijksmonument

Het buitenwerk is inmiddels bijna afgerond: het metselwerk is opnieuw gevoegd, rotte balken zijn vervangen, de kap en stenen zijn hersteld, de buitenkant is geschilderd en op de molenberg is drainage aangelegd. Omdat het een rijksmonument is, moet elk plan worden afgestemd. “Je kunt niet zomaar beginnen. Je moet veel plannen overleggen.”

Lang wist Van Meel niet precies wat hij met de molen wilde. “In het begin dachten we aan een pick-up point voor boodschappen of een klein lunchtentje. Er zijn heel veel plannen voorbijgekomen.”

Ondertussen werd de molen vooral gebruikt voor buurtborrels en ouderenlunches. “En zelfs de inschrijvingen voor de Vierdaagse vonden hier plaats. Dat was superleuk,” zegt Van Meel. En daarop wil hij doorpakken, maar hiervoor moet ook binnen nog veel gebeuren. Het is er koud, vochtig en ‘echt 1867’. Daarom komt er sanitair, een klein keukenblok en wordt de ruimte comfortabel gemaakt. ,,We willen dat mensen hem kunnen gebruiken,” zegt hij. ,,Vergaderingen, presentaties, een ouderenlunch, een buurtborrel, misschien zelfs een trouwceremonie. De molen staat op ons terrein, maar hij is natuurlijk van heel Made.”

Voorbestemd met zo’n familienaam

Als alles volgens plan loopt, is de molen voor de zomervakantie volledig klaar. ,,We willen daarbij uiteindelijk terug naar de oorsprong,” zegt Van Meel. En dat is misschien zelfs een beetje voorbestemd met zo’n familienaam: ,,Gewoon weer malen. Niet per se commercieel, maar omdat het hoort bij deze molen. Omdat Made trots is op deze molen. En dat moeten we zo houden.”

Originele artikel klik hier

Molenaar(s) gezocht op Molen de Korenbloem in Ulvenhout

Oproep

Stichting Molen de Korenbloem in Ulvenhout zoekt vrijwillige molenaars, zij hebben momenteel 2 molenaars waarvan er 1 volgend jaar gaat stoppen.

Momenteel zijn ze elke zaterdag open en zijn beide molenaars op zaterdag aanwezig, zij overwegen om in de toekomst vaker open te gaan maar daarvoor hebben we wel meer molenaars nodig.

Kent u wellicht molenaars uit de regio of woont u daar en op zoek naar een molen?
Neem dan contact op met Stichting molen de Korenbloem via e-mailadres: info@molendekorenbloem.nl of telefoon 06 20 21 05 01.

Met vriendelijke groet namens Molen de Korenbloem

Kader nieuwsbrief De Hollandsche Molen nov 2025

Kader nieuwsbrief De Hollandsche Molen nov 2025

De onderwerpen in de nieuwsbrief zijn:

Uitslag VriendenLoterij Molenprijs 2025

Lees de nieuwsbrief hier

De Jonge Hendrik (Gr) wint de Molenprijs 2025

De Jonge Hendrik wint spannende VriendenLoterij Molenprijs 2025

Molen De Jonge Hendrik in Den Andel (GR) heeft de VriendenLoterij Molenprijs 2025 gewonnen. Nicole Bakker, directeur-bestuurder van De Hollandsche Molen, maakte dit op 26 oktober bekend tijdens het Molenfestival in het Nederlands Openluchtmuseum in Arnhem. Het verschil met de concurrentie was in de 15-jarige geschiedenis van de Molenprijs zelden zo klein. De vrijwilligers van de winnaar verzamelden in de stemperiode van 10 september tot en met 5 oktober 5.060 stemmen en dat bleek nipt genoeg voor de winst. De zege levert De Jonge Hendrik € 50.000 op plus het aantal stemmen in euro’s. Dat betekent dat de Groningers met € 55.060 en een feestmuts op richting Den Andel reizen.

Met dit geld kunnen onder meer sanitaire voorzieningen worden aangebracht die nu nog volledig ontbreken, zoals een aansluiting op riolering en waterleiding, toilet en wasgelegenheid. Hansmaarten Bolle, voorzitter en secretaris van Molenstichting Winsum, eigenaar van De Jonge Hendrik: ‘We zijn verrast en overdonderd. Zeker toen we zagen wat de andere genomineerden allemaal hadden gedaan. Ontzettend fijn dat we nu meer gasten kunnen verwelkomen en toegankelijk hart van het dorp kunnen zijn.’

Overige deelnemers
De tweede plaats is met € 19.758 (€ 15.000 plus 4.758 stemmen/euro’s) voor molen De Hegeman in Dijkerhoek (OV). De Wilper Molen in Posterenk (GLD) haalde plek drie en incasseert € 11.792 (€ 7.500 plus 4.292 stemmen/euro’s). De vierde plaats leverde De Oosterlandse Molen in Oosterland (ZL) € 5.312 (€ 2.500 plus 2.812 stemmen/euro’s) op.
Bekijk hier de originele nieuwsbrief

2e Wijziging lesrooster Gilde theorielessen seizoen 2025 – 2026

2e Wijziging lesrooster theorielessen seizoen 2025 – 2026

Geachte mevrouw Wessels,

Er is wederom een wisseling in het lesrooster. De les van 28 oktober “Het Weer” is verplaatst naar 13 januari 2026. Het schema hieronder is de juiste laatste versie.

LET OP alléén de eerste theorieles is op een MAANDAGAVOND op 13 OKTOBER, alle andere theorielessen zijn steeds op de DINSDAGAVOND.
We beginnen om (stipt) 20:00 uur, zodat we tussen 22:00 en 22:30 uur kunnen eindigen. Hieronder het schema voor seizoen 2025 – 2026.
Aanmelden kunt u door een e-mail te sturen naar nbopleid@gildevanmolenaars.nl
Let op, de locatie is ook dit jaar bij Molen de Wilde, Nieuwe Rielseweg 39, 5051 PD Goirle. Deze locatie is verwarmd, echter voor gebruik van een consumptie dient u te betalen.

Datum Plaats Onderwerp Docent
13 okt. 2025 Molen de Wilde Introductie en Arbo Veiligheid Onno Wubbels
21 okt. 2025 Molen de Wilde Knopen/Schiemanswerk Onno Wubbels
04 nov. 2025 Molen de Wilde Poldermolens Sven Verbeek
18 nov. 2025 Molen de Wilde Wieksystemen Patrick van Kessel
25 nov. 2025 Molen de Wilde Bovenkruier, Kap, Kruien Erwin Janssen
02 dec. 2025 Molen de Wilde Wieksystemen Bovenas, Wielen, Luiwerken Erwin Janssen
09 dec. 2025 Molen de Wilde De vang Hub van Erve
06 jan. 2026 Molen de Wilde Korenmolen Patrick van Kessel
13 jan. 2026 Molen de Wilde Het weer Petro van Doorne
27 jan. 2026 Molen de Wilde Standerdmolen Geert van Stekelenburg
03 feb. 2026 Holtens’ Molen Industriemolens Molenaar Holtens’ Molen

Adressen:
Molen de Wilde, Nieuwe Rielseweg 39, 5051 PD Goirle.
Holtens’ Molen, Veldstraat 39, 5751 AA Deurne (les Industriemolens).

Het schema van de theorielessen voor 2025 – 2026 is ook te zien op de site van het Gilde van Vrijwillige Molenaars Afdeling Noord-Brabant.

Het bestuur Gilde van Vrijwillige Molenaars Afdeling Noord-Brabant wenst u succes en veel plezier met de studie van dit mooie ambacht!

Open brief aan politieke partijen

Onderwerp: de plaatselijke molen in uw verkiezingsprogramma

Beste politicus, bestuurder,

Nuenen, 3 september 2025

Brabanders houden van molens. Daar zijn wij, Molenstichting Noord-Brabant, heel erg content over. Een fraaie molen kenmerkt zijn omgeving, zegt iets van het verleden, kent zijn eigen verhalen. Die fraaie molen willen wij behouden voor de toekomst.

Daar hebben wij uw hulp voor nodig. U staat aan de vooravond van een nieuwe bestuursperiode 2026 – 2030. U kunt de waarde en betekenis van de molen voor de toekomst borgen.

Ons verzoek aan u is: neem in uw verkiezingsprogramma op dat u de bestemming en molenbiotoop van de molen vast gaat leggen in de Omgevingsvisie en het Omgevingsplan.

Daarmee geeft u dit belangrijk cultureel erfgoed een stevige positie. Wij maken ons zorgen over het behoud, omdat we zien dat molens, met hun biotopen, steeds vaker in het gedrang komen door (woning)bouwplannen. Natuurlijk hebben wij weet van het gegeven dat de druk op ruimte groot is.

Juist daarom is het Omgevingsplan zo belangrijk. Het koestert de molenbiotoop en draagt door het behoud ervan bij aan de leefbaarheid van de omgeving.

Wij rekenen op uw ondersteuning. Namens de Molenstichting Noord-Brabant

Jetty Eugster-van Bergeijk, Voorzitter.

De originele brief: Microsoft Word – Politieke partijen – verkiezing 2026.docx